De mensenmaat

De verstedelijking en grootschaligheid van onze moderne samenleving heeft tot een ongekend niveau van luxe, vermaak en comfort geleid. Toch lijken we er niet gelukkiger op geworden. Veel mensen worstelen met gevoelens van vervreemding, depressie en zinloosheid. Jeff Hoeyberghs, plastisch chirurg, auteur en voorvechter van decentralisatie en kleinschaligheid, legt in onderstaand betoog op scherpe wijze de vinger op de zere plek. Daarbij geeft hij antwoord op vragen als: Welke levensvorm past het beste bij ons, waar zijn we die de afgelopen eeuwen kwijtgeraakt en hoe vinden we hem weer terug?

De mens beschikt over een uitzonderlijk centraal zenuwstelsel. Onze hersenen zijn naar verhouding vele malen groter dan die van vrijwel alle andere dieren, op dolfijnen na. De ontwikkeling van dit uitzonderlijke orgaan vond plaats over een periode van enkele miljoenen jaren, wat in evolutietermen slechts een flits is. Het gebeurde allemaal een goede drie miljoen jaar geleden. Onze menselijke voorloper zegde zijn leven als slingerende bosaap vaarwel, ten voordele van een rechtop lopend leven op de grond van de savannes in het toen nog veel groenere Afrika.

 

Onze extra breincapaciteit gebruiken we vooral om te kunnen redeneren buiten het hier-en-nu om, met alle voor- en nadelen van dien. Een groot deel van deze extra capaciteit bevindt zich in de visuele cortex, die gebruikt wordt ten behoeve van ons inbeeldingsvermogen, onze visionaire capaciteit, die verder reikt dan het kijken met de ogen.

 

Aan dit unieke abstractievermogen wordt de menselijke intelligentie ontleend. Intelligentie heeft vele aspecten, waarvan er slechts enkele in de doorsnee IQ-testen worden geëvalueerd. Praktische intelligentie, zoals muzikale-, sportieve-, en kunstzinnige intelligentie, zijn voorbeelden van nuttige intelligentie die over het algemeen niet of nauwelijks worden geëvalueerd.

 

Biologische intelligentie is ook een ondergewaardeerde vorm van intelligentie, al is het wellicht de meest essentiële van allemaal. Immers, deze uitzonderlijke kwaliteit is bepalend geweest voor het succes van Homo Sapiens. Wat was er nou essentiëler voor het menselijke succesverhaal dan het specifieke vermogen om de natuur te begrijpen en nuttige voorspellingen te kunnen doen om aan voedsel te komen en veiligheid te bewerkstelligen?

 

Het toenemende gebrek aan de cultivering van biologische intelligentie speelt ons vandaag de dag parten. Er is geen twijfel mogelijk dat bij terugval op een meer natuurlijk, kleinschalig leven de biologische intelligentie andermaal mede de meubels zal moeten redden, al was het maar om plaatselijk aan voedsel te komen en de basisverzorging en gezondheid van de mens te garanderen.

 

Het stamvoordeel

Zoals in alle mijmeringen over de evolutie van de mensheid, moeten we opletten om de mens niet te veel als individu neer te zetten. De mens is geen solitaire vogelsoort die alleen door het leven fladdert, noch een orang-oetan die in haar eentje hoog door de jungle slingert. De mens is een stamdier, genetisch geprogrammeerd om in onderlinge afhankelijkheid binnen groepen van honderd tot tweehonderd individuen te leven.

 

Door vele miljoenen jaren van evolutie zijn we in hoge mate biologisch voorbestemd wat betreft ons denken, praten en doen. Het Darwinistische ‘survival of the fittest’ wordt verder gekwalificeerd als ‘survival of the members of the fittest tribe’. Een succesvolle menselijke stam heeft een grote diversiteit aan individuele kwaliteiten. De harmonieuze compensatie en uitwisseling van die veelheid aan kwaliteiten geeft stamleden een groot voordeel op de individualistische kluizenaar.

 

Homo Sapiens evolueerde volgens de moderne wetenschap van een aapachtige soort in de bomen van de bossen van Afrika, via het leven op de grond en wereldwijde migraties, tot de mens zoals we die nu proberen te begrijpen. Het tijdsbestek waarover we praten beslaat een slordige 75 miljoen jaar, waarvan we pas de laatste drie miljoen jaar als mensachtige, intelligente tweevoeter door het leven gingen. Als we daar tegenover stellen dat het eerste schrift, de eerste steden, de systematische landbouw en de grote godsdiensten amper 5000 jaar oud zijn, is het niet verbazend dat we op evolutionair niveau nog steeds een stamdier zijn.

 

Een groot deel van ons gedrag en geluksgevoel wordt instinctief bepaald. Mensen zijn in essentie stamdieren, die het best functioneren in groepen van ongeveer 150 individuen. Over dit getal bestaat steeds meer duidelijkheid, zowel dankzij de wetenschappelijke analyse van oude culturen als door moderne gedragsstudies.

 

De kleinschaligheid van de mensenmaat staat in schril contrast met de manier waarop grootschaligheid toenemend gestructureerd wordt door middel van centrale beslissingen die over miljoenen mensen tegelijk worden uitgerold. We worden daarnaast verondersteld oppervlakkig met vele mensen om te gaan, zonder de diepgaande duurzame relaties waarvoor we geprogrammeerd zijn.

 

De delicate combinatie van groot- en kleinschaligheid

Men kan de recente mensengeschiedenis van de laatste 5000 jaar zien als een omgekeerde golfbeweging: hoe meer grootschaligheid, hoe minder tribaal functioneren, en omgekeerd. De vraag is echter: Wanneer bedreigt grootschaligheid ons geluk en zelfs ons voortbestaan, in plaats van dat deze helpt?

 

Dat er wel degelijk zoiets bestaat als grootschalige ontaarding met rampzalige gevolgen, is in het verleden herhaaldelijk aangetoond. Het mechanisme van het instorten van beschavingen is in alle gevallen hetzelfde. In de groeifase bouwen de sterke tribale gemeenschappen een... wil je verder lezen? Steun ons werk en bestel het boek.

Dr. Jeff Hoeyberghs (1961) is auteur, ‘duurzame landbouw enthousiast’ en tevens de bekendste plastisch chirurg en van België. Hij verdeelt zijn tijd over zijn kleine privé-kliniek in Maaseik (België) en het leven in de Pyreneeën, waar hij de landbouw, jacht, pluk, visvangst en kleinschalige voedingsmiddelenproductie bedrijft. Hij is een graag geziene gast op radio en tv. Jeff schreef naast een aantal internationale medische publicaties ook vele Nederlandstalige artikelen over de menselijke conditie, als ook vijf boeken, waarvan ‘Een Wereld van Wellness’ in de context van duurzaam leven het meest relevant is.